Ontstaan van hoogtetraining: “Een blik terug in de tijd!”

Hoogtetraining is een vorm van training onder specifieke omstandigheden. Ontdek de effecten van hoogtetraining en hoe je met hoogtetraining jouw sportprestaties positief kunt beïnvloeden. Volg Dennis Licht en blijf op de hoogte van de meest recente (wetenschappelijke) ontwikkelingen, de verschillende toepassingen -en trainingsmethoden op gebied van hoogtetraining. 

Geschiedenis

Het is niet duidelijk wanneer de eerste teksten de effecten van hoogte op bergreizigers beschrijven, maar je zult begrijpen dat ook in de klassieke oudheid al mensen symptomen ontwikkelden wat duidde op acute hoogteziekte. Hoewel de oude Grieken goede observatoren waren en de Romeinen een enorm Rijk hadden zijn er weinig klassieke teksten te vinden waarin fysiologische effecten van hoogte beschreven werden. Legers trokken over bergen door wind en sneeuw, maar meegereisde schrijvers die verslaglegging moesten doen van de veldslagen beschreven geen verminderd prestatievermogen of een vorm van hoogteziekte.

Slechts een aantal teksten die aan Aristoteles (384-322 v.Chr.) worden toegeschreven beschrijven reizen over de Olympus (2919m) in Macedonië. Hij beschrijft onder ander dat de lucht de adem niet vult en dat ze niet konden overleven zonder vochtige sponsen in hun neus te stoppen, omdat zonder die sponsen de lucht ‘te dun voor respiratie’ was. Deze teksten zijn echter opgeschreven door 17e eeuwse Britse wetenschappers, vermoedelijk op basis van teksten van St. Augustine van Hippo (354-330 AD).

Ook in de Chinese oudheid vinden we een klassiek verhaal waar de reizigers gewaarschuwd werden voor moeilijk terrein in de bergen, die heel toepasselijk Kleine en Grote Hoofdpijn bergen genoemd zijn. Hiermee worden de allereerste acute symptomen van hoogteziekte al beschreven, dat mensen dus hoofdpijn krijgen maar ook moeten overgeven. 400 jaar later beschrijft men de eerste beschrijvingen in Chinese geschriften wat men nu longoedeem zou noemen. Een van de gevaarlijkste ziekten die je in de bergen kunt oplopen. Een boeddhistische monnik die met een metgezel een bergpas in de Kleine Sneeuwbergen (waarschijnlijk gelegen in het huidige Afghanistan) oversteekt, beschrijft hoe zijn metgezel ziek wordt en niet verder kon lopen. Een wit schuim kwam uit zijn mond. Een beschrijving van één van de symptomen in de eindstadium van longoedeem.

De Spanjaarden die in de zestiende eeuw grote delen van Zuid Amerika koloniseerden, liepen in de Andes gebergte tegen problemen op waar de inheemse bevolking blijkbaar geen last van had. Tijdens de Renaissance werden de eerste belangrijke ontdekkingen gedaan om het effect van hoogte te kunnen bepalen. Torricelli (1608-1647) ontdekte een systeem om de barometrische druk te meten en Pascal (1623-1662) ontdekte hiermee dat de barometrische druk daalt met de stijging naar hoogte. Verder werd er in die periode ook de vacuümpomp ontdekt, de bloedstroom en vaatkleppen in aders, de rol van de longen bij ademhaling en dat bloed van kleur veranderd in de longen.

Pas in de achttiende eeuw werd de samenstelling van lucht bekend. Priestley ontdekte de zuurstof. Lavosier wist de samenstelling en aard van in- en uitgeademde lucht te achterhalen. En in diezelfde tijd werd in Frankrijk de luchtballon uitgevonden. Dit maakte het mogelijk de eerste effecten van hoogte te bestuderen bij mensen, los van andere in hooggebergte optredende problemen als vermoeidheid, uitdroging en kou. De ernstige gevolgen van acuut zuurstoftekort na een snelle stijging tot hoogten van 7000 meter of meer is een aantal ballonvaarders fataal geworden. Met hoogteziekte heeft dit verschijnsel overigens niets van doen, maar dat begreep men toen nog niet. Tegen het einde van de achttiende eeuw mensen steeds hoger te klimmen. De schadelijke effecten daarvan werden ook steeds duidelijker en beter begrepen.

De twintigste eeuw

Pas eind negentiende eeuw en twintigste eeuw begonnen fysiologen belangstelling te ontwikkelen voor de (medische) effecten van hoogte op mensen. Door de ontwikkelingen in de luchtvaart en de verschillende expedities naar naar bergtoppen in de Verenigde Staten (1911), Peru (1921-1922), Chili (1935) en de Himalaya (1960-1961), ontstond de noodzaak meer kennis op te doen over de reactie van de mens op hoogte. Onderzoekers vonden dat het zuurstoftransport bij normale mannen op hoogte (3048m) met 20% verminderd kan zijn en nog meer bij extreme hoogtes (4267m) en de verklaring was dat dit mogelijk kwam door verlaagde zuurstofpercentage in het bloed (saturatie) wat direct invloed heeft op het hartminuutvolume. In de race om als eerste de top van de Mount Everest te bestijgen kwam er echt veel aandacht naar de reactie van het menselijk lichaam op hoogte.

Onderzoek in de sport

Onderzoek naar de effecten van hoogtetraining op de sportprestatie werd pas populair nadat de Olympische Spelen van 1968 aan Mexico Stad (2300m) werden toegekend. De prestaties op kortdurende onderdelen waren relatief ongewijzigd of zelfs sneller, verder en hoger door lage luchtdichtheid.  De tijden daarentegen op duuronderdelen waren 10-20% langer door afname van het maximale zuurstofopname (VO2-max). Tijdens de Spelen kwam men erachter dat sporters die uit landen kwamen gelegen op zeeniveau, heviger werden beïnvloed door de lage zuurstofdruk in Mexico Stad en daarom meer moeite hadden om medailles te halen. Zeker bij midden- en langeafstandslopers uit landen die op zeeniveau lagen, waren de tijden significant langzamer in vergelijking met hun prestaties op zeeniveau in hetzelfde jaar. Echter, atleten die uit landen kwamen die op grote hoogte lagen, wonnen veel van de medailles in het midden- en langeafstandslopen. Van 800 meter tot en met aan de marathon werden uit de 18 medailles die er destijds behaald konden worden, behaald door atleten uit Kenia en Ethiopië. Dit geeft aan hoe belangrijk het is om goed aangepast te zijn aan de hoogte om daar goed te kunnen presteren. De dominantie op de midden- en langeafstandsonderdelen door de Afrikaanse loper is sindsdien alleen maar toegenomen.

Met het idee dat hoogte acclimatisatie of hoogtetraining ook een positief effect zou hebben bij terugkeren naar zeeniveau, is er sinds de Spelen van 1968 enorm veel onderzoek gedaan naar hoogtetraining. Tegelijkertijd kunnen we stellen dat de wetenschap en onderzoek naar de effecten van hoogtetraining nog relatief jong is en dat ‘blind’ onderzoek mogelijk is. Iemand weet heus wel of hij op een berg zit of niet. En de mensen die beneden zitten weten ook heus wel dat ze niet op een berg zitten. Dubbel-blind onderzoek met hoogtetraining is nog maar paar een keer uitgevoerd, maar er zullen er meer volgen. Daarnaast is het zo dat de wetenschap lang niet altijd strookt met wat we in de praktijk terugzien. Dat is het prachtige aan topsport. Het is soms onvoorspelbaar.

De belangrijkste  onderwerpen uit de onderzoeken uit 1968 naar hoogtetraining gaven vooral antwoord op de vragen wat de ideale hoogte en tijdsduur is dat je op hoogte moet blijven en wat de fysiologische effecten zijn op het menselijk lichaam. Sinds de Spelen van 1968 wordt hoogtetraining door veel coaches en sporters omarmd en worden er onverklaarbare effecten toegedicht aan aan hoogtetraining. In de heel wereld zijn er voor verschillende sporten prachtige trainingslocaties om op hoogtestage te gaan. De lijst groot om ze allemaal op te noemen, maar Potchefstroom (1378m), Dullstroom (2100m), Sankt Moritz (1856), Iten (2385m), Flagstaff (2106m), Ifrane (1800m), Boulder (1655m) zijn één van de vele plekken waar veel hardlopers zich jaarlijks wekenlang of zelfs maandenlang voorbereiden op hun seizoen.

Het fenomeen hoogtetraining

Bij hoogtetraining worden sporters blootgesteld aan een verlaagde zuurstofdruk, een fenomeen wat natuurlijk optreed wanneer men zich op hoogte begeeft. Het menselijk lichaam reageert hierop met een aantal fysiologische reacties, waaronder de toename van rode bloedlichaampjes. De rode bloedcellen zijn de transporteurs van zuurstof. De argumenten om aan hoogtetraining te gaan doen zoals gezegd zijn om de prestaties op hoogte te verbeteren, de prestaties op zeeniveau te verbeteren. Hoogtetraining kan in verschillende vormen plaatsvinden, zoals de klassieke hoogtestage Live High Train High (LHTH), waarbij men op hoogte traint en leeft.

In de jaren ’90 van de vorige eeuw deed een groep onderzoekers uit de Verenigde Staten onderzoek naar nieuwe methoden om hoogtetraining te doen, waarbij de negatieve effecten, namelijk de noodzaak om lage intensiteit te trainen, verwijderd werden door de trainingen op lagere hoogte uit te voeren. Live High, Train Low (LHTL) genoemd. Moderne varianten van het LHTL-principe zijn het verblijven op gesimuleerde hoogte in hoogtetenten – en appartementen. Deze Normobare Hypoxische blootstelling kennen verschillende methodes zoals Hypoxische Exposure (IHE) en Intermittend Hypoxic Training (IHT), waarbij de laatste methode een paar uur per week met een trainingsmasker traint en hypoxische zuurstof inademt. Sins kort is er ook interesse ontstaan in het effect van hoogtetraining voor teamsporters na aanleiding van het WK voetbal in Zuid Afrika, maar ook interesse voor hoogtetraining in relatie tot Diabetes, Obesitas, hartpatiënten, Astma en COPD. De vele vormen van hoogtetrainingen zullen de komende maanden aan bod komen op mijn website in verschillende artikelen.

Geïnteresseerd in onze verhuurmogelijkheden of aanschaf van onze slaap- en trainingsystemen? Vraag een vrijblijvende offerte aan via onderstaand contactformulier.

   Graag deze check-box aanvinken om aan te geven dat u akkoord gaat met het delen van uw gegevens en u kennis heeft genomen van de privacystatement op mijn website. Hier te vinden en verder na te lezen: http://dennislicht.nl/privacy-statement

 

Geef een reactie