VAN PARIJS NAAR BERLIJN: EEN TERUG- EN VOORUITBLIK OP DE MARATHON

Toen ik stopte met topsport vroeg velen zich af, wanneer gaat Dennis nou die marathon eens lopen? Tijdens mijn actieve carrière als topsporter als erna, had ik nooit de ambitie om een marathon te lopen. Wel liet ik de optie open om als tempomaker op te treden. En toen kwam die vraag opeens van stadsgenoot Andrea Deelstra. “wil je mij helpen in Berlijn?”

Prompt, een week later ontving ik een uitnodiging van ASICS Frontrunner. Of ik wil deel nemen aan de Parijs Marathon. Ik bedacht me geen moment en schreef een motivatiebrief, want ik moest de officiële uitnodiging nog wel verdienen. Ergens in december van 2018 kreeg ik dan uiteindelijk een positief bericht. Ik mocht deelnemen. Yes!

Ik wilde de afstand persé een keer meemaken, weten wie de man met de hamer is – als die al bestaat – om goed voorbereid aan de start te staan van de Berlijn marathon. Immers is het tempo wat Andrea loopt geen kattenpis. Dat gaat gewoon keihard. Daar moet je fit voor zijn en hard voor trainen, maar ook zorgen voor voldoende rust. En dat laatste is niet eenvoudig met een baby van een paar maanden oud. Je hebt eigenlijk een chronisch slaaptekort.

Ik schreef onlangs een blog over de kracht van slapen voor marathonworld, hier te lezen.

Naast de geboorte van onze dochter had ik nog een paar ballen hoog te houden. Namelijk de ontwikkeling van mijn eigen bedrijf. Natuurlijk biedt ondernemen enige vorm van vrijheid, maar het is niet zo, dat als je thuiskomt je er niet meer mee bezig bent. Als ondernemer heb je snel de neiging om altijd ‘aan’ te staan.

Na het afronden van ‘project Silvana Running Team’ kwam ik gelukkig in wat rustiger vaarwater en kon ik ook weer zelf wat gestructureerder gaan trainen. Dat was ook wel nodig, want Parijs kwam inmiddels al dichtbij. Het was inmiddels alweer februari.

Trainen voor Parijs
Mijn eigen gemaakte programma (link om te bekijken: Schema Dennis Licht Marathon Parijs 2019) ging in op maandag 4 februari. Een dag na de Midwinter Marathon. Ik had daarmee exact 10 weken tot de marathon van Parijs. Een enorme uitdaging, want 10 weken zijn zo voorbij. Ondanks dat ik een basis heb om op terug te vallen, duurde het maar liefst 3 weken voordat ik lekker begon te ‘draaien’. Niet snel erna kreeg ik een flinke neus- en keelverkoudheid. Precies op het moment dat ik mijn eerste lange duurloop gepland had staan.

 

Acht dagen voor de marathon, zei mijn kuit ‘pats’! Een eerstegraads verrekking in mijn kuit, zo bleek later.

Ondanks een lichte verhoging kon ik na een dag lang alleen maar slapen een fantastische duurloop opschrijven in mijn logboek. Ik kreeg het vertrouwen waar ik naar op zoek was. Ik tikte zo 30 kilometer weg in 3:44 per kilometer. Vanaf dat moment ging ik een stuk beter lopen. De goede benen had ik weer gevonden. Tot een week voor de marathon..

Au, mijn kuit!
Hoe dichter ik bij D-day kwam, hoe lekkerder ik ging draaien. Naast dat mijn gemiddelde snelheid in de duurlopen en lange intervallen omhoog gingen, merkte ik ook dat mijn snelheid en tempohardheid terug begon te komen. Ik kon weer pushen, zonder moe te worden. Dat gevoel had ik lang niet meer ervaren.

Het was de laatste serieuze training toen het toch mis ging. Acht dagen voor de marathon, zei mijn kuit ‘pats’! Een eerstegraads verrekking in mijn kuit, zo bleek later. Ik had geluk dat het om een eerstegraads verrekking ging. Daar staat ongeveer 3 dagen tot 3 weken herstel voor. Daarmee zou ik het nog net kunnen redden, mits de juiste behandelmethode.  Ik kon gelukkig direct terecht bij mijn fysiotherapeut Johann de Jong van Isokin Training & Therapie. Hij kent mijn kuiten als de beste. Toen ik in 2013 werd geopereerd aan mijn achillespezen was hij degene die mij hielp met revalideren. Zoals mijn orthopedisch chirurg destijds zei: “Dennis, gefeliciteerd met je wereldrecord revalideren! Dit heb ik nog nooit eerder gezien!”

Na twee dagen relatieve looprust kon ik op dag 3, alweer bijna zonder pijn hardlopen. Het gaf me voldoende vertrouwen om in Parijs aan start te verschijnen.

 

Mijn voedingsplan
Naast rust en training moet je natuurlijk tijdens een marathon ook goed eten en drinken. Enkele weken ervoor had ik al wat geoefend met sportdrank en gelletjes om te kijken wat ik het niet alleen het lekkerste vond, maar ook wat het meeste energie zou geven tijdens de marathon. Daarbij kwam ik eigenlijk maar op twee merken uit. Namelijk Maurten en SiS. Ik koos voor Maurten. Vooral vanwege de smaak en functie van de gelletjes. Ze zeggen dat het smaakloos is, maar ik vind ze ontzettend lekker ‘smaken’ en ze happen heerlijk weg. De substantie geeft een erg fijne smaaksensatie en een vol gevoel, zonder dat je last krijg van je maag. Bovendien bevatten deze gelletjes ook de hoogste concentratie koolhydraten (25 gram per gel), net als hun sportdrank (80 gram per 500ml) overigens, die ik overigens alleen lekker vind tijdens inspanning. En niet voor of erna, iets wat wel wordt aangeraden om koolhydraten mee te stapelen.

Volgens de laatste onderzoeken kan een mens tijdens inspanning maximaal 80 á 100 gram koolhydraten per uur opnemen en met Maurten ben je er zeker van dat je voldoende koolhydraten tot je beschikking hebt. Veel voordelen dus. Als je meer wil weten of de specificaties van Maurten, check dan hier.

Ik gebruik het nu in voorbereiding op de Berlijn marathon en ik ben nog steeds enthousiast.
Daarnaast heb ik ook een Australisch onderzoek gelezen dat het heel trainbaar is om zulke grote hoeveelheden koolhydraten op te nemen tijdens een marathon. Dit door al 6 weken, circa 3 x in de week, voor de marathon te oefenen.

Terug naar de marathon… Ondanks mijn goede  voornemen om tijdens de marathon op elke 5km Maurten te drinken en elke 8 kilometer een gel te nemen had ik echter een probleem die ik niet zomaar kon oplossen. Wie reikt mij drinken aan bij die waterposten? Ik stond immers ingeschreven als recreatieve loper en niet als wedstrijdloper. Iets wat ik totaal niet gewend was..

De marathon
Als voormalig topatleet werd altijd alles voor mij geregeld. Je transport van vliegveld, naar hotel, je maaltijden en je had de hele dag de mogelijkheid om lekker op de hotelkamer uit te rusten. Hoe anders is de wereld als recreatieve loper. Je moet je startnummer ophalen op een expo aan de andere kant van de stad Parijs. Een hele energie slurpende onderneming op zich.

De marathon van Parijs, notabene de grootste marathon van Europa, serveerde alleen maar water van hoofdsponsor Vitel. Iets wat je niets eens kan mixen met Maurten want het calciumgehalte is veel te hoog.

Daarnaast waren er natuurlijk ook een aantal logische verplichtingen, zoals fotoshoots met ASICS, waar ik ook aan moest voldoen. Ik had al ruim 20.000 passen gemaakt, terwijl ik het liefst op mijn bed zou liggen om te rusten.

Uiteindelijk heb ik helaas niemand kunnen regelen voor het aanreiken van mijn drinken. Wat ook begrijpelijk was. Kom maar eens op tijd van de ene naar de andere waterpost en durf die verantwoordelijkheid maar eens te nemen.

De marathon van Parijs, notabene de grootste marathon van Europa, serveerde alleen maar water van hoofdsponsor Vitel. Iets wat je niets eens kan mixen met Maurten want het calciumgehalte is veel te hoog. En ik ga echt niet met een rugzak of bottlebelt lopen. Daar voel ik me nog veel te veel een wedstrijdloper voor. Dus er restte mij maar één ding..

Een rigoureuze beslissing
Op de vooravond van de marathon nam ik dan ook een rigoureuze beslissing. Ik had niemand om mijn drinken aan te laten reiken, dus ik nam alleen mijn 6 gelletjes van Maurten mee, verstopt achter het ritsje in mijn korte tight. In theorie zou ik dan voor elk uur 75 gram koolhydraten op kunnen nemen, maar ik koos ervoor om twee per uur te nemen. Daarmee moest ik een eind gaan komen. Ik ben gewend aan trainingen tot 30 kilometer zonder te drinken, dus mijn lijf kan wel wat hebben. Hoewel dat duurlopen waren op tempo vetverbranding…

Mijn vocht zou ik dan aanvullen met het water van de organisatie. Het water was echter steenkoud, want op tijd van de start was het slechts 1 graden boven nul. Gelukkig kreeg ik wel hulp aangeboden vanuit een andere hoek. Stefan Listabart, ASICS Frontrunner uit Oostenrijk, wilde wel met mij mee lopen tot aan 30 kilometer en voor mij steeds water aanpakken. Stefan heeft zelf ruim onder de 2.20 op de marathon gelopen en dit was voor hem een ideale vlotte lange duurloop. Een geluk bij een ongeluk, zullen we maar zeggen.

Het wedstrijdverloop

Om goed wakker aan te start te staan van deze vroege marathon (start om 8:27) ging ik er al om half 5 uit. Ik ben geen vroege ochtendloper, dus ik heb echt tijd nodig om wakker te worden. Dit betekende ook dat ik mijn eigen ontbijt moest regelen want het hostel serveerde pas om 7 uur het ontbijt. Net als vroeger toen ik nog topatleet was nam ik mijn ontbijt altijd zelf mee, want het ontbijt wat we uiteindelijk bij vertrek vanaf hotel naar start kregen was om te huilen. Ik geloof een pakje sap, een mueslireep en muffin.  Ach ja, van een hostel moet je ook vaak niet teveel verwachten..

Met een halve liter carboloader (500 ml Maurten in mijn mik) voelde ik me tijdens het inlopen helemaal prima. De zon was uit, er stond geen wind, dus de kou viel redelijk mee. Het was nog wel even spannend om op tijd in mijn startvak te verschijnen, maar met wat klimmen en klauteren over de dranghekken stond ik vooraan in mijn startvak. Startvak rood voor lopers die onder de 3 uur willen lopen. Stefan zou met zijn overgenomen startnummer na 100 meter instappen om mij te vergezellen.

Een paar minuten voor mij waren inmiddels de topatleten en genodigde lopers vertrokken en wij kregen om 08.27 uur onze eigen herstart. Omdat ik helemaal vooraan stond, kon ik vrijuit lopen en kon Stefan mij ook makkelijk vinden. Samen tikten we de ene na de andere kilometer weg. En bij het vijf kilometerpunt passeerden we al honderden genodigde lopers.

Ik weet het niet zeker, maar als ik een globale schatting moet maken startten we als 5000e. We bleven kilometer na kilometer mensen inhalen. Na inhalen van duizenden mensen kwamen we tussen de genodigde lopers terecht. We hadden er op dat moment een mooi gemiddelde van 3.28 per kilometer op zitten en nog steeds waren we mensen aan het inhalen. Inmiddels werd het veld dunner en dunner en liepen we van groep naar groepje.

Halverwege kwam ik net boven de 73 minuten door en de benen voelden nog best prima. Ik moest zelfs even de handrem erop gooien, want ik klokte een 3.18 op de 1000 meter tussendoor. Ondanks wat lange klimmen, zowel heuvelop- als af waren we binnen no-time op het 25-kilometerpunt. Ik passeerde eveneens een aantal elite lopers die 2 minuten voor mij waren gestart. Hoe gaaf!

Ik haalde een appje van Imo Muller voor de geest, die me kort voor de start van de wedstrijd nog een bericht had gestuurd dat ik het niet mijn hoofd moest halen om zijn persoonlijk record te verbreken.

Ik wilde aan mijn vierde gelletje beginnen, toen ik merkte dat ik wat misselijk begon te worden. Niet zozeer van de gelletjes, maar van het koude water. Het was het eerste moment dat het even tegenzat. Ging mijn maag dan toch sputteren of ging het lampje langzaam uit? 😉

Op 28-kilometer kreeg ik het weer iets zwaarder, maar ondanks de vele tunnels en bruggen die we op- en af moesten voelde ik me nog best sterk. Ik kon het tempo goed vasthouden. Ook toen Stefan op het 30-kilometerpunt uitstapte bleef ik, ondanks dat ik behoorlijk moe werd, goed doorlopen. Mijn GPS-horloge, best accuraat, stond nog steeds op hetzelfde gemiddelde als halfweg. Ik was op weg naar eindtijd van circa 2:26 á 2.27.

Ik haalde een appje van Imo Muller voor de geest, die me kort voor de start van de wedstrijd nog een bericht had gestuurd dat ik het niet mijn hoofd moest halen om zijn persoonlijk record te verbreken. Het gaf me nog even een positieve boost van energie, want hier loop ik dan op dat tempo net boven het persoonlijk recordtempo van Imo. Imo, die al honderd keer aan mijn kop heeft gezeurd dat ik eens een marathon moest gaan lopen.

Doelen bijstellen
Ik had eigenlijk getraind om de marathon uit te lopen voor een tijd onder de 2.50, maar gaandeweg ben ik tijdens die korte trainingsperiode en zelfs in de marathon mijn tijdsdoelstelling gaan bijstellen. Want het ging zo makkelijk. Nou, dat makkelijk verdween als snel voor de zon toen ik op het 32-kilometerpunt uitkwam.

Ik kreeg het opeens ontzettend zwaar. Het leek wel of ik bevangen was door de hitte, maar er was natuurlijk iets anders aan de hand. Ik had een licht vochttekort opgelopen en te weinig mineralen opgenomen, terwijl ik enorm zweette.

De droge koude lucht had ervoor gezorgd dat ik vocht te kort kwam. Is dit wat ze bedoelen met de man met de hamer? Ik kon het zware gevoel lang uitstellen. Ik pepte mezelf op en hield nog even het tempo vast wat ik halverwege was doorgekomen, totdat ik een steile klim tegenkwam. Het was het 35 kilometerpunt. Ik had totaal geen parkoerskennis, dus ik was totaal verrast. Nog zo’n ding.. Parkoerskennis. Aan de ene kant is het goed om het parkoers niet te kennen, aan de andere kant als ik wist van deze klim, had ik mijn wedstrijd misschien wel anders ingedeeld.

 

Bijna een kilometer lang moesten we een heuvel op over een stuk wegdek vol met gaten. Wanneer je moe bent voel je elk hobbeltje, elke scheefliggende tegel of putdeksel is dan al te zwaar. Ik stond bijna geparkeerd. Niet alleen door het tekort aan energie, maar het was het eerste moment waarop ik weer last kreeg van ‘die verrekte kuit’. Het schoot erin op datzelfde klimmetje. Een flinke tegenslag. Ik had het al 24 uur niet meer gevoeld en opeens was die man met de hamer aan het kloppen op mijn rechter onderbeen. Een ontzettend vervelend moment natuurlijk. Ik wist nu wat iedereen bedoelde met ‘op 35 kilometer begint de marathon pas echt’. Maar goed, hier kwam ik voor. Om de afstand te ervaren en alle wetten van de marathon te ondergaan.

Het enige wat ik dacht is niet gaan wandelen Dennis, je bent niet gekomen om te wandelen, dat doe je maar als 80 bent ofzo.

Nou ik heb het geweten… De laatste 7 kilometer waren zwaar, heel erg zwaar. Ik was echt aan het vechten om te blijven lopen. En dat deed ik. Ik bleef lopen. Het enige wat ik dacht is niet gaan wandelen Dennis, je bent niet gekomen om te wandelen, dat doe je maar als 80 bent ofzo. Ik telde de kilometers af. Ik had het idee dat die laatste kilometers een marathon op zich waren en had het gevoel dat ik stilstond.

De kilometers deden langer en langer en langer, totdat daar opeens de finish opdoemde. Ein-de-lijk! Ik kwam onder de boog door in 2.32.53 (bruto) en mijn netto-tijd was uiteindelijk 2.30.48. Ik had ruim 4 minuten verloren in 7 kilometer tijd. De man met de hamer had flink toegeslagen.

Toch overheerste het gevoel van trots. Ik had het geflikt. Ik had mijn eerste marathon met minimale voorbereiding en weinig slaap gefinisht. Natuurlijk had ik het gaver gevonden als ik onder de 2.30 had gelopen, maar wie Parijs eens heeft gelopen weet dat het zware een marathon is met veel glooiingen die vooral in je nadeel werken. En, leuk om te vermelden. Ik ben in de top 50 gefinisht! Met dank aan Stefan.

Tel daarbij op de factoren, zoals voeding tijdens de marathon, het starten van een eigen bedrijf, de plichtplegingen vooraf, dan is dit gewoon een goed resultaat. En het belangrijkste… Ik heb de broodnodige ervaring opgedaan voor de marathon van Berlijn waar alle randzaken wel goed geregeld zullen zijn, dan ben ik namelijk ingeschreven als wedstrijdloper en niet als recreant. En ook belangrijk. Het slapen gaat een stuk beter en ik heb tot nu toe een beter voorbereiding en meer trainingsweken in de benen. Want als er iets belangrijk is om te weten: “iedereen kan hard trainen, maar er zijn maar weinig die ook voldoende kunnen rusten!”

 

Laatste nieuws

Sluit Menu